Perscommuniqué

 

 

 

De Nationale Arbeidsraad is op 27 januari 2015 om 16 uur in plenaire zitting samengekomen onder het voorzitterschap van de heer P. Windey.

 

 

De Raad heeft zich in het advies nr. 1.922 uitgesproken over het jaarverslag 2013 van het Ervaringsfonds.

 

 

De Raad herinnert aan het belang dat hij hecht aan het vraagstuk van de arbeidsparticipatie van oudere werknemers en aan de aanbevelingen die werden opgenomen in zijn vorige adviezen. In de huidige context van vergrijzing, is de Raad van oordeel dat de tewerkstelling van oudere werknemers op de arbeidsmarkt verder moet worden ondersteund en bevorderd.

 

 

Vanaf 1 juli 2014 werden de bevoegdheden van het Fonds naar de gewesten overgeheveld ingevolge de zesde staatshervorming. De Raad wil vermijden dat de expertise die het Fonds doorheen de jaren heeft opgebouwd verloren gaat. In het advies gaat de Raad dieper in op de specifieke aanpak die door het Fonds werd ontwikkeld en de randvoorwaarden die vereist zijn voor een succesvolle aanpak.

 

 

De Raad pleit ervoor dat ook in de toekomst de samenwerking met de sectoren behouden blijft. De sectoren zijn immers een hefboom die bij de ondernemingen en vooral bij de KMO’s een dynamiek creëren omtrent de concrete uitdagingen van de vergrijzing op de werkvloer.

 

 

Daarnaast benadrukt de Raad het belang van het organiseren van bedrijfsbezoeken. Deze bedrijfsbezoeken spelen immers een belangrijke rol in het sensibiliseren van de partijen om acties te ondernemen om oudere werknemers langer aan het werk te houden. Het is dan ook belangrijk dat er voldoende medewerkers ter beschikking worden gesteld voor het uitvoeren van deze bedrijfsbezoeken zodat de boodschap “het verhogen van de tewerkstellingsgraad van oudere werknemers” voortdurend kan worden verkondigd en ondernemingen blijvend worden aangemoedigd om acties te ondernemen.

 

 

Vervolgens wijst de Raad op de noodzaak om voldoende budgettaire middelen vrij te maken om de continuïteit van de activiteiten, die tot nu toe door het Fonds worden verricht, te waarborgen. Voor de ondernemingen is het immers van belang dat het indienen van een aanvraag en het effectief opstarten van een project elkaar opvolgen binnen een korte tijdsspanne gelet op de concrete noden die op de werkvloer bestaan.

 

 

De Raad merkt ten slotte op dat de regionalisering van de bevoegdheden van het Fonds een extra uitdaging meebrengt voor de sectoren, aangezien de paritaire comités federaal geregeld blijven. Gelet op het belang van de samenhang in het beleid inzake de arbeidsparticipatie van oudere werknemers dat de gewesten gaan voeren, herhaalt de Raad, zoals reeds geformuleerd in het advies nr. 1.899 van 25 februari 2014, dat het uitwisselen van initiatieven en ervaringen voor alle betrokkenen nuttig zou zijn. De Raad blijft bereid de gegevensuitwisseling hieromtrent te organiseren in functie van de middelen die hiervoor kunnen worden ingezet.

 

 

 

 

Blijde Inkomstlaan, 17-21 - 1040 Brussel - Tel: 02 233 88 11 - Fax: 02 233 88 59 - E-mail: griffie@nar-cnt.be - Website: www.nar-cnt.be
Av. de la Joyeuse Entrée, 17-21 - 1040 Bruxelles - Tel: 02 233 88 11 - Fax: 02 233 88 59 - E-mail: greffe@cnt-nar.be - Website: www.cnt-nar.be